Hoe te vliegen met een drone: Alles wat je als beginner moet weten!

Vliegen met drones wordt steeds populairder en dat is ook niet heel vreemd; Het besturen van een drone is leuk, vereist een bepaalde vaardigheid, wat het uitdagender maakt en kan van pas komen in verschillende situaties, zoals het maken van foto’s en video’s vanuit de lucht.

Vliegen met een drone wordt tegenwoordig steeds eenvoudiger gemaakt door de drone fabrikanten, dit om er voor te zorgen dat ook de beginners met een drone de lucht in kunnen zonder dat dit gevaarlijke situaties oplevert. Toch is het goed om van te voren alvast te weten wat je allemaal beter wel en juist niet moet doen tijdens het vliegen met een drone.

We geven je een aantal tips die je zeker een eind op weg helpen. De video aan het eind laat duidelijk zien hoe je je drone onder controle houdt en op een veilige manier kan vliegen.

De controller begrijpen

Dit klinkt misschien niet erg interessant, maar het is toch van groot belang dat je eerst goed begrijpt hoe de controller werkt. Verschillende soorten drones betekent natuurlijk ook verschillende soorten controllers en daarom is het een echte aanrader om de handleiding van de drone goed door te lezen. Ondanks dat drones vaak over verschillende controllers beschikken, zijn er ook vaak overeenkomsten. De zogenaamde ‘Yaw’ is hier een voorbeeld van. Yaw is simpelweg het sturen van de drone, waardoor de drone met de klok mee draait of juist tegen de klok in. Bekijk goed in de handleiding naar welke kante de drone draait als je hier gebruik van maakt.

Naast de Yaw is ook de ‘Throttle’ altijd aanwezig op de controller. Deze functie wordt gebruikt om je drone te laten stijgen of juist te laten dalen. Vaak wordt de Throttle door dezelfde joystick geregeld als de Yaw. Je kunt dus tegelijkertijd de drone laten draaien en stijgen of dalen. Voor beginners kan dit lastig zijn, waardoor de drone een verkeerde kant op gaat. Oefening is hier vooral erg belangrijk: Hoe meer je hier mee oefent, hoe eenvoudiger het voor je zal worden.

Opstijgen en landen

Van het vliegen met een drone zijn dit misschien wel de lastigste manoeuvres. De wat uitgebreidere drones kunnen vaak al zelf landen door één druk op de knop, maar veel drones zijn niet uitgerust met deze functie. Het is daarom zeker goed om wat aandacht te besteden aan het opstijgen en laten landen van je drone. Hier een paar tips voor tijdens het opstijgen en landen:

  • Zoek een zachte en ruime ondergrond – Op het moment dat je gaat opstijgen en landen is het echt een aanrader om dit op een zachte en ruime ondergrond te doen. Opstijgen en landen op bijvoorbeeld asfalt, tegels of andere harde ondergronden is natuurlijk gewoon mogelijk, maar voor beginners is het beter om dit risico niet te lopen. Mocht je drone onverwachts toch iets harder landen of minder goed opstijgen dan verwacht, dan is het altijd beter dat dit gebeurd op een zachte ondergrond. In Nederland zijn veel bossen, weilanden en stranden terug te vinden waar je prima als beginner aan de slag kunt.
  • Houd rekening met het ‘Ground Effect’ – Tijdens het opstijgen en landen krijg je te maken met het zogenaamde ‘Ground Effect’. Dit effect kan je zien als een soort bubbel die ontstaat onder de drone zodra deze dichtbij de grond is. Het ‘Ground Effect’ zorgt ervoor dat de drone als het ware even blijft hangen, maar op een instabiele wijze, waardoor de kans dat de drone kantelt groter is. Blijven hangen in het ‘Ground Effect’ is daarom ook zeker niet iets dat je wilt hebben en aangezien je er vaak mee te maken krijgt tijdens het opstijgen en landen is het goed om hier rekening mee te houden. Bij het opstijgen is het daarom aangeraden om genoeg de ‘Throttle’ ver genoeg in te drukken. Het landen zal op een soepele manier moeten gebeuren, blijf dus niet te lang kort boven de grond hangen met je drone. Let er bij het landen wel op dat je ook niet te snel naar beneden gaat om het ‘Ground Effect’ te omzeilen, je wilt natuurlijk niet te hard landen.
  • Oefenen, oefenen en nog meer oefenen – Net als bij bijvoorbeeld het besturen van een auto, is ook hier het de beste manier: Zoveel mogelijk oefenen. Natuurlijk is het handig om je in te lezen en gebruik te maken van de tips, maar zonder oefening zal je het nooit echt goed leren. Zorg dat je drone goed opgeladen is en ga gewoon eens een minuut of 10 oefenen met het landen en opstijgen. Zodra je dit goed onder de knie hebt, kan je de volgende keer zonder problemen de lucht in en weer landen.

Zweven met de drone

Nadat je het opstijgen en landen onder de knie hebt, is het tijd om de drone te laten zweven in de lucht. Dit houdt in dat je de drone stil kan houden op een bepaalde plek in de lucht. Deze vaardigheid komt vooral goed van pas tijdens het maken van foto’s en video’s met je drone. Zweven is bij sommige drones met GPS erg eenvoudig en wordt vaak automatisch voor je geregeld. Helaas beschikt niet iedere drone over deze functie en daarom is het zeker handig om dit te leren.

Zo kan je het zweven het beste aanpakken:

  • Stijg op tot een kleine hoogte – Stijg rustig op zoals eerder is uitgelegd. Stijg niet tot een te grote hoogte op, maar stop met stijgen als de drone ongeveer op ooghoogte is. Op deze manier is het eenvoudig om bij te houden hoe de drone precies beweegt.
  • Houd de drone stil en maak aanpassingen – Het laten zweven kan soms lastig zijn, gezien de weersomstandigheden die je soms meemaakt. De drone zal niet stil blijven hangen en soms langzaam of snel verplaatsen, zonder dat jij dit zelf aangeeft. Maak daarom aanpassingen en zorg echt dat de drone goed blijft hangen op dezelfde plek.
  • Rustig landen – Nadat je een tijdje de drone hebt laten zweven, zorg je weer voor een rustige landing. Je kan de tijd bijhouden en bijvoorbeeld proberen om de drone 30 seconden op dezelfde plek te houden. Oefen dit meerdere keren en je zult merken dat je je drone niet alleen bij het zweven beter onder controle hebt, maar ook in veel andere gevallen. Door veel te oefenen met stijgen, landen en zweven krijg je de techniek steeds beter onder de knie en kan je na een tijdje zonder problemen met elke drone overweg.

Het sturen en vliegen met de drone

Dit is natuurlijk het leukste en meest uitdagende stuk: Vliegen met de drone. Wanneer je de echte basis van het stijgen, landen en zweven onder controle hebt, kan je het echte vliegen gaan proberen. Je kan dit het beste op de volgende manier aanpakken:

  • Laat de drone rustig zweven – Laat de drone – zoals net uitgelegd – rustig zweven op een plek die jij fijn vindt. Het is voor beginners aan te raden om dit op ooghoogte of iets onder of boven ooghoogte te doen. Laat de drone niet slechts een halve meter van de grond zweven en ga ook zeker niet meteen tientallen meters hoog de lucht in, dit kan je altijd later nog uitproberen als je de techniek wat beter onder controle hebt. Zorg ook dat je zeker niet te dichtbij staat, neem bijvoorbeeld een afstand van 10 meter of meer aan, afhankelijk van welke actie je gaat uitvoeren.
  • Voorwaarts vliegen – Zodra de drone goed blijft zweven een bepaalde plek, kan je gaan proberen de drone vooruit te laten vliegen. Sommige drones hebben een andere besturen, maar in de meeste gevallen kan je met de rechter joystick de drone vooruit laten vliegen. Het doel is om de drone vooruit te laten vliegen, zonder dat de drone (veel) stijgt of daalt. In sommige gevallen zal je dus extra moeten stijgen of dalen door middel van de ‘throtlle’ joystick.
  • Achterwaarts vliegen – Dit werkt eigenlijk hetzelfde als voorwaarts vliegen. Je hebt (in de meeste gevallen) hier weer de rechter joystick voor nodig, maar doet deze uiteraard nu de andere kant op. Houd ook weer goed de hoogte van de drone in de gaten.
  • Zijwaarts vliegen – Ook hier heb je weer de rechter joystick voor nodig. Laat de drone rustig naar links en rechts vliegen, zonder dat deze flink stijgt of daalt. Probeer het eerst rustig even uit, voordat je scherpe bochten gaat maken.

Oefen met een passende drone

Alle drones zijn anders en geen één drone vliegt hetzelfde. Daarom is de type drone waarmee je het vliegen gaat leren van groot belang. Je kan natuurlijk voor de professionele drones gaan, die je overal bij helpen, maar echt goed leren vliegen zal je daarmee niet leren. Bovendien is er altijd nog het risico dat wanneer je opeens zelf de controle over moet nemen, je alsnog fouten maakt. Deze fouten zijn vaak kostbaar, aangezien je met een dure drone vliegt.

In plaats van zelf je drone bouwen, raden wij je aan om te kiezen voor een typische beginners drone. Dit zijn drones die niet heel prijzig zijn, toch vaak voldoende mogelijkheden bieden en uitdagend zijn om mee te vliegen. Het vliegen zal een stuk lastiger zijn, maar dit maakt het ook meteen een grote uitdaging waar je écht van leert vliegen. De Syma X8HW is bijvoorbeeld zo’n typische beginners drone. Ook de UDI U818A is perfect voor beginners, gezien de lage prijs en stevig frame waardoor crashen niet meteen fataal is. Kijk dus bij het kopen van een drone echt even goed welke je precies nodig hebt!

Aan de slag

Kan je de stappen die we hebben beschreven allemaal goed uitvoeren, dan heb je je drone onder controle. Het is de echte basis en klinkt allemaal erg simpel, maar toch vraagt het vaak nog enige oefening als je het in de praktijk gaat brengen. Neem er echt rustig je tijd voor, want het is natuurlijk zonde om je drone meteen te laten crashen en te beschadigen. 

In de video hieronder wordt het allemaal nog een keer goed uitgelegd. De video is wel in het Engels, maar laat zien hoe je als echte beginner de basis kan leren!